Op het Noorderend stond vanaf de vijftiende eeuw een molen. Tegenover die molen ontstond in de zeventiende eeuw de hofstede die later Molenhof zou gaan heten. De oudste delen van het woonhuis dateren vermoedelijk uit het eerste kwart van die eeuw.
1289
Het landschap ontstaat
Omstreeks 1289 wordt de Oosterlandpolder bedijkt. Heinkenszand ontwikkelt zich grotendeels langs de oostelijke dijk van deze polder. Op het Noorderend, waar Oosterland, Oosterguyte en het voormalige Noorderpolderken elkaar ontmoeten, staat vanaf de vijftiende eeuw een molen. Die molen zal zijn naam geven aan de hofstede die er later tegenover verrijst.
Kaart van de heerlijkheid Heinkenszand, 1753. Ten noorden van het dorp staat de hoeve bij de Noordmolen al ingetekend.
Grafmonument van Cornelis de Perponcher Sedlnitzky in de kerk van Heinkenszand, 1730. Zeeuws Archief.
1621
De eerste sporen
De oudste schriftelijke sporen voeren terug naar 1621, wanneer Cornelis van Watervliet wordt genoemd in een overloper van de Oosterlandpolder. Bouwkundig onderzoek uit 1977 dateerde het oudste deel van het woonhuis met enige zekerheid in het eerste kwart van de 17e eeuw.
1648
Percelen in bezit van Jonkheer Emmery van Watervliet.
1651
Ferdinand de Perponcher trouwt met Anna Maria van Watervliet.
1684
Waarschijnlijk stond de boerderij toen al op deze plek.
Meer over de vroege geschiedenis
1648
In 1648 zijn de betreffende percelen, samen circa 29 gemeten en 128 roeden, in bezit van Jonkheer Emmery van Watervliet.
1651
Op 16 april 1651 trouwt Ferdinand de Perponcher met Anna Maria van Watervliet, dochter van Cornelis van Watervliet. Via deze familieband gaan bezittingen van de Van Watervliets uiteindelijk over op nakomelingen van de familie De Perponcher Sedlnitzky.
1684
Of de boerderij in 1684 al op deze plek stond, is niet met zekerheid vast te stellen. De bron acht het wel waarschijnlijk.
Oude fundering
Bij werkzaamheden aan de fundering aan de schuurzijde werd volgens de bron muurwerk van circa 1,20 meter dik aangetroffen. De auteur opperde dat dit mogelijk behoorde tot een ouder bouwwerk dat aan de huidige hofstede voorafging.
Begin 18e eeuw
Molenhof krijgt vorm
Rond 1720 wordt Cornelis de Perponcher Sedlnitzky genoemd als eigenaar van de gronden waarop de hofstede ligt. De bron acht het waarschijnlijk dat de naam ‘De Molenhof’ toen al aan de hofstede verbonden was.
1724 tot 1769
Onder meer Langemare, Molhoek, Cusee, Duijn en Schipper.
Omstreeks 1750
In financiële stukken wordt gesproken over de opbrengsten van “de hofstede bij de Noordmole”.
1773
De hofstede wordt “Hofstede onder de Noordmole” genoemd.
1783
In de overloper van 1783 wordt Jan Onderdijk als pachter genoemd.
Meer over deze periode
1724 tot 1769
In de 18e eeuw wisselt de exploitatie van de hofstede regelmatig van hand. De bronnen noemen onder meer C. Langemare, Leendert Molhoek, Cornelis Cusee als ‘casteleijn’ of ‘zetboer’, Adr. Duijn en Boudewijn Schipper als pachters of bedrijfsvoerders.
1773
In 1773 wordt de “Hofstede onder de Noordmole” toegewezen aan Mr. Cornelis de Perponcher. Volgens de bron betrof dit toen uitsluitend de gebouwen.
Het woonhuis
Volgens het onderzoek uit 1977 is het woonhuis in deze periode waarschijnlijk ook gewijzigd.
De boerderij onder haar rieten dak, met een boerenkar op het erf.
De Noordmolen, bouwjaar vóór 1500, afgebrand in 1849.
Februari 1824
De familie Kole
Op 18 februari 1824 vestigt Jacob Kole zich met zijn vrouw Dina van Zweedijk in Heinkenszand. Zij betrekken boerderij “De Molenhof”. Ook hun kinderen Isaac en Suzanna wonen op de hofstede.
Augustus 1849
Na een blikseminslag gaat de molen verloren. Twee jaar later verrijst aan de Slaakweg de stellingmolen De vijf gebroeders. De hoeve houdt haar naam.
1858
Jacob Kole overlijdt op 21 juli 1858. Daarmee loopt de periode van de familie Kole op Molenhof ten einde.
Meer over deze periode
Circa 1820 tot 1866
Over de eigendom in deze periode bestaat nog onzekerheid. Een oude overlevering noemt de Hervormde Kerk van Heinkenszand als eigenaar, die de hoeve aan onder anderen Jacob Kole en later Guiljam Nijsse zou hebben verpacht. De auteurs konden dit in het kerkarchief niet bevestigen.
1859
De familie Nijsse
Op 1 maart 1859 wordt Guiljam Nijsse pachter van Molenhof. Hij woont en werkt er met zijn gezin.
1866
Op 22 december 1866 verwerft Guiljam Nijsse de hofstede in eigendom. Hij blijft eigenaar tot 4 september 1903.
1897
Op 30 september 1897 trouwt zijn dochter Jacoba Nijsse met Cornelis Lokerse. Via dit huwelijk is de familie Lokerse al vóór 1903 met Molenhof verbonden.
Koeien voor de boerderij in de bloesem. Links Jan Lokerse op de tractor, rechts de molen.
1903
De familie Lokerse
Op 4 september 1903 gaat de hofstede over op Cornelis Lokerse, schoonzoon van Guiljam Nijsse. Samen met Jacoba heeft hij hier zijn gezin en zetten zij het boerenbedrijf op Molenhof voort.
Circa 1910
Aan de Grintweg
Voordat de Stationsweg zijn huidige naam kreeg, stond deze weg bekend als de Grintweg. Net als andere wegen rond Heinkenszand verwees die naam naar de fysieke verschijningsvorm van de weg.
De Grintweg in Heinkenszand, omstreeks 1910.
Het station aan de lijn naar Goes, gezien over het spoor. Op de achtergrond ligt de hoeve.
1927
Het station van Heinkenszand
Het emplacement van de Spoorweg Maatschappij Zuid Beveland opent officieel in 1927. Op historische foto’s is Molenhof op de achtergrond te zien. De huidige Stationsweg dankt zijn naam aan dit voormalige station.
Jaren dertig
Kaasmaken op Molenhof
In de jaren dertig wordt op Molenhof niet alleen geboerd, maar ook kaas gemaakt. Op een bewaard gebleven foto staan de zussen Cornelia en Appolonia Lokerse tijdens het werk: Cornelia met een kaas en Appolonia met de wrongelsnijder.
De kaasmakerij op Molenhof, jaren dertig. Cornelia Lokerse met de kaas, Appolonia Lokerse met de wrongelsnijder.
De bemanning van de Feathered Injun voor het toestel.
Meer over het verhaal
1944
Ter nagedachtenis aan
Eugene J. Kieras
18 september 1944
Op 18 september 1944 vloog Technical Sergeant Eugene J. Kieras als boordwerktuigkundige mee aan boord van de B 24 Liberator Feathered Injun. Boven Heinkenszand raakte het toestel in brand. Zijn parachute lag voorin en was door het vuur niet meer bereikbaar.
Kieras probeerde daarom samen met een bemanningslid een duosprong te maken. Toen de parachute openging kon hij zich niet vasthouden. Hij viel bij Molenhof, naast de mendeuren van de schuur, en vond daar op twintigjarige leeftijd de dood.
1952
Jan Lokerse wordt eigenaar
Op 2 april 1952 wordt Jan Lokerse eigenaar van Molenhof. Wanneer de geschiedenis in 1977 wordt beschreven, is de hofstede nog altijd in zijn bezit. Daarmee blijft Molenhof in handen van de familie Lokerse, die hier sinds 1903 woont en werkt.
Molenhof in de jaren zeventig, in de periode waarin Jan Lokerse eigenaar was.
Het krantenartikel over de boerderij uit 1977, linker- en rechterpagina.
1977
Vastgelegd voor het nageslacht
In 1977 worden de geschiedenis en de bouwkundige ontwikkeling van Molenhof uitgebreid beschreven in Oude boerderijen, deel 2. Het hoofdstuk vormt tegenwoordig zelf een historische bron over de hofstede en haar bewoners.
Het woonhuis
Oudste delen waarschijnlijk uit het eerste kwart van de 17e eeuw.
De schuur
In 1977 beschreven als een van de oudste Zuid-Bevelandse landbouwschuren en toen geschat op bijna drie eeuwen oud.
Het erf
Met onder andere een wagenhuis en oude bakkeet.
Bouwkundige details bekijken
Het woonhuis
Het woonhuis staat haaks tegen de landbouwschuur en meet ongeveer 15 bij 8 meter. Een brede gang loopt van voor naar achter, met de keuken aan de ene en de woonkamer aan de andere zijde. De balk- en kapconstructies zijn zwaar; het linkerdeel is ouder dan het rechterdeel.
De schuur
De landbouwschuur werd in 1977 beschreven als een van de oudste Zuid-Bevelandse schuren. Op basis van de constructie werd de ouderdom toen op bijna drie eeuwen geschat. De schuur meet ongeveer 33 bij 10 meter, met een grotendeels houten constructie, een rieten dak en twee stel mendeuren. Daarachter liggen de delen of dorsvloeren met daartussen de tasvakken, en aan de mestputzijde de stallen voor paarden, runderen en jongvee.
Het erf
Tegenover de schuur stond een gedeeltelijk open wagenhuis met rieten dak. Op korte afstand stond een oude bakkeet met oven.
De auteurs besloten hun beschrijving met de constatering dat Molenhof nog veel van het oorspronkelijke karakter van de Zeeuwse hoeven had behouden.
Bron: Oude boerderijen, deel 2, hoofdstuk ‘De Molenhof – Heinkenszand’, pagina 69 tot 76.
2023 tot 2025
Een nieuw hoofdstuk
Tussen 2023 en 2025 wordt Molenhof gerestaureerd en geschikt gemaakt voor een nieuw gebruik, met behoud van de historische details.
In januari 2023 begonnen wij aan de ruwbouw. Al in de eerste week kwam een groot deel van een muur naar beneden: rot in de balken, slechte borstweringen, en niets stond recht. In september 2024 werd de woning opgeleverd. De basis is hersteld en het gebouw kan er hopelijk weer vele generaties tegenaan.
De hoeve en de schuur voor de restauratie.
Een kijkje achter de schermen, 2023 tot 2025

























